Kunstgras leggen: wat je zelf kunt doen (en wat je beter uitbesteedt)

Kunstgras leggen lijkt op het eerste gezicht een eenvoudige klus: rol uit, knip op maat, en klaar. Toch blijkt in de praktijk dat een strak resultaat meer vraagt dan een beetje handigheid. De ondergrond, het snijwerk en de afwatering zijn bepalend voor hoe je tuin er de komende jaren bij ligt. Wie het goed aanpakt, geniet van een bijna naadloos gazon zonder bobbels of verkleuringen. Maar wie stappen overslaat, krijgt scheve randen of water dat blijft staan.

Of je de aanleg zelf doet of laat doen, hangt sterk af van de situatie. Voor een rechthoekige tuin met stabiele ondergrond kom je met een duidelijke handleiding en wat gereedschap al een heel eind. Moet het gras daarentegen op een helling komen, tussen borders worden gelegd of strak tegen een houten vlonder aan, dan vergt dat meer precisie. In zulke gevallen is een vakman inschakelen geen overbodige luxe — zeker niet als je kunstgras van 40 euro per vierkante meter hebt gekozen.

Een vlakke ondergrond begint bij het juiste zandbed

De basis van een goed kunstgrasveld ligt letterlijk in de onderlaag. In de meeste gevallen wordt gekozen voor een laag ophoogzand van 5 tot 10 cm dik, die egaal wordt aangetrild met een trilplaat. Dit zorgt ervoor dat het gras straks niet gaat verzakken en er geen kuilen ontstaan. Wie dit deel overslaat of half doet, krijgt al snel last van plassen of oneffenheden in het gras.

Let op: gebruik geen zwarte grond als onderlaag, hoe verleidelijk dat ook is als je nog een berg tuinaarde over hebt. Zwarte grond houdt te veel vocht vast en is niet stabiel genoeg. Je loopt dan het risico dat het kunstgras gaat schuiven of schimmelen. Voor kleinere oppervlakken kun je eventueel ook brekerzand gebruiken, dat zich goed laat aantrillen en extra stevig ligt.

Zorg voor een stabiele kantafwerking

Een strakke afwerking langs de randen is misschien wel het meest onderschatte onderdeel van kunstgras leggen. Zeker als je het gras niet tegen een tegelpad of border aan legt, moet je zelf zorgen voor een stevige kantopsluiting. Doe je dat niet, dan kan het gras na verloop van tijd gaan golven of omhoog krullen, vooral aan de zijkanten waar je er vaak overheen loopt.

Je kunt hiervoor gebruikmaken van opsluitbanden of kunstgraskrammen. Opsluitbanden van beton zijn het stevigst, maar moeten wel met zorg worden geplaatst en waterpas liggen. Krammen zijn eenvoudiger in gebruik en worden vaak toegepast bij kleinere stukken gazon of op plekken waar je niet vaak loopt. Zorg dat je om de 50 cm een kram plaatst, en sla deze stevig in de ondergrond zodat het gras niet loskomt.

Lijmen, tapen of krammen: hoe fixeer je kunstgras?

Het vastzetten van kunstgras gebeurt op verschillende manieren, afhankelijk van de situatie. Bij grotere oppervlakken of wanneer je meerdere stroken aan elkaar moet verbinden, wordt meestal gebruikgemaakt van kunstgrastape in combinatie met speciale lijm. Dit voorkomt dat er naden ontstaan en zorgt ervoor dat het gras netjes op zijn plek blijft, ook bij intensief gebruik.

Bij kleinere oppervlakken, of op plekken waar het gras vooral decoratief ligt (zoals op een balkon), volstaan dubbelzijdige tape of krammen vaak al. Let er bij het lijmen op dat je niet te veel lijm gebruikt, anders kan die door het gras heen drukken. En wees voorzichtig met het lijmen op houten ondergronden: die moeten eerst goed schoon en droog zijn, anders hecht de lijm onvoldoende.

Opborstelen en instrooien: niet overslaan

Zodra het gras ligt, ben je nog niet helemaal klaar. Nieuwe kunstgrasmatten hebben vaak nog vezels die plat liggen door het oprollen. Door het gras met een harde bezem tegen de vezelrichting in op te borstelen, zorg je ervoor dat het gras mooi rechtop komt te staan. Dat maakt meteen een wereld van verschil in uitstraling — een vlakke mat oogt eerder als tapijt dan als echt gras.

Bij veel soorten kunstgras is het daarnaast aanbevolen om instrooizand te gebruiken. Dit fijne kwartszand wordt tussen de vezels geveegd en zorgt voor extra stabiliteit, uv-bescherming en een natuurlijker loopgevoel. Voor een gemiddelde tuin heb je ongeveer 5 tot 10 kg zand per vierkante meter nodig. Gebruik wel speciaal instrooizand en geen speelzand of straatzand — die kunnen het gras beschadigen of verkleuren

Bron: kunstgrashuis.nl